Tips:
Plaats nu je cv in enkele kliks op NationaleVacaturebank.nl en ontvang passende banen.
StepStone Job Agent: passende vacatures per e-mail (zonder je cv achter te laten).
Vanaf het moment van ziekmelding hebben zowel de zieke werknemer als diens werkgever te maken met een aantal rechten en plichten vanuit de Wet Verbetering Poortwachter. Deze blijven gelden totdat de werknemer weer aan het werk is of tot dat hij of zij na twee jaar ziekte aanspraak kan maken op een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Zeker bij ziekte geldt dat voorkomen beter is dan genezen. Een werkgever moet er op basis van de Arbowet zoveel mogelijk aan doen om te zorgen dat
zijn personeel niet ziek wordt.
Onder andere door via een risico-inventarisatie en -evaluatie te bepalen wat de veiligheidsrisico's in een bedrijf zijn. Verder heb je als werknemer recht op
een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek door de bedrijfsarts. Dit is op vrijwillige basis, de werknemer hoeft hier niet aan mee te doen.
Mocht een werknemer toch ziek worden, moet hij zich zo snel mogelijk ziek melden bij de werkgever. Deze moet de ziekte binnen een week melden bij de
arbodienst en na dertien weken bij het UWV.
De eerste twee jaren dat een werknemer ziek is, betaalt de werkgever hem of haar ziekengeld. Dat is minimaal 70 procent van het loon of het minimumloon
als de werknemer dat normaal verdient. Na die twee jaar komt de werknemer in aanmerking voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering op basis van de WIA.
Tijdens het ziekteverzuim wordt de werknemer begeleid door de bedrijfsarts. Die kijkt hoe voorkomen kan worden dat de werknemer lang ziek blijft of
arbeidsongeschikt raakt. De werknemer hoeft de werkgever niet te informeren over de aard of oorzaak van zijn ziekte. De bedrijfsarts heeft wel recht op
deze informatie, maar mag deze niet doorgeven aan de werkgever als de werknemer dat niet wil.
De eerste twee ziektejaren is de werkgever verantwoordelijk voor de reïntegratie van de werknemer. De werknemer heeft de plicht hier aan mee te werken. Het eerste doel van de reïntegratie is dat de medewerker weer binnen het eigen bedrijf aan het werk gaat. Als de werkgever passende arbeid aanbiedt, dan moet de werknemer dat aannemen. Mocht er geen geschikt werk zijn binnen de eigen organisatie dan moet de werkgever ervoor zorgen dat de werknemer ergens anders aan de slag kan. Hiervoor moet de werkgever een reïntegratiebedrijf inschakelen. De werkgever moet de reïntegratie betalen. Zowel de werknemers als de werkgever hebben recht op een second opinion van het UWV.De werknemer kan het UWV bijvoorbeeld laten beoordelen of er bij de huidige werkgever al dan niet sprake is van passende arbeid. Het UWV kan voor de werkgever bekijken of een werknemer wel voldoende moeite doet om weer aan het werk te komen.
In de zesde ziekteweek analyseert de arbodienst of de bedrijfsarts het ziekteverzuim. Op basis van deze probleemanalyse adviseert de dienst of de deskundige wat
de mogelijkheden zijn voor herstel en werkhervatting. Werkgever en werknemer gebruiken dit advies voor een plan van aanpak (PVA) dat er na maximaal acht weken
ziekte moet zijn. Ze hebben de plicht dit PVA regelmatig, minimaal één keer in de zes weken, te evalueren en eventueel aan te passen.
Ook kiezen de werknemer en de werkgever samen een 'casemanager'. Deze onderhoudt het contact tussen de werknemer, de werkgever en de arbodienst. De
casemanager kan iemand uit het bedrijf zijn, maar het mag ook gaan om een medewerker van de arbodienst of van een reïntegratiebedrijf. Verder start de
werkgever een reïntegratiedossier waarin hij de stappen en afspraken met betrekking tot de reïntegratie bijhoudt.
Na 50 ziekteweken zijn de werknemer en de werkgever verplicht om de re-integratie te evalueren. Ze bepalen daarbij hoe ze de reïntegratie verder gaan
aanpakken en welk resultaat ze daarbij willen behalen.
In de 87ste ziekteweek krijgt de werknemer een formulier om een WIA-uitkering bij het UWV aan te vragen. Dit moet hij samen met een re-integratieverslag uiterlijk
in ziekteweek 91 naar het UWV sturen. Het re-integratieverslag stelt de werknemer samen met de werkgever op. Uitgangspunt is het door de werkgever bijgehouden
reïntegratiedossier. In de periode tussen week 87 en week 91 moet de arbodienst of de bedrijfsarts een actueel oordeel geven over de mogelijkheden van de
werknemer om te werken. Dit oordeel gaat onderdeel uitmaken van het reïntegratieverslag.
In de laatste ziekteweken (week 91-104) bekijkt het UWV of de werknemer en de werkgever aan hun verplichtingen hebben voldaan tijdens het reïntegratietraject.
Komt het UWV tot de conclusie dat de werknemer zich te weinig heeft ingespannen dan kan het de werknemer de WIA-uitkering geheel of gedeeltelijk weigeren. Vindt
het UWV dat de werkgever onvoldoende moeite heeft gedaan dan kan het de werkgever verplichten het loon maximaal 52 week lang door te betalen.
Loes Wolfs
Maastricht
Als u WW of WAO ontvangt hebt u na enige tijd recht op reïntegratie betaald door het UWV. U mag zelf uw reïntegratiebureau kiezen. U kunt hier alles lezen over uw eigen reïntegratietraject.
Het ontslagcircus
Henk Vlaming
Werkplezier
Luc Mutsaers
Brand You
Liz Harris-Tuck